De stedentrip is de reis waar overpakken het zichtbaarst afgestraft wordt: je sjouwt alles zelf over kinderkopjes, trappen en metropoortjes. De goede paklijst voor een stedentrip is dus vooral kort.
De lijst voor twee tot vier dagen
Drie outfits die onderling combineren, allemaal rond dezelfde kleurbasis; één paar ingelopen wandelschoenen aan je voeten en hooguit één licht paar reserve; ondergoed en sokken per dag; een dunne regenjas die in z’n eigen zak vouwt; verzorging in reisformaat in één klein vloeistoffenzakje; telefoon, oplader en powerbank. Dat alles past met de kleinste twee packing cubes in een tas van 40 bij 30 bij 20, en daarmee vlieg je bij vrijwel elke maatschappij gratis. De exacte maten per maatschappij staan in de handbagageregels.
De dagrugzak is de helft van het comfort
In de stad leef je niet uit je koffer maar uit je dagtas. Neem een lichte rugzak van 12 tot 18 liter met een ritsvak tegen je rug voor portemonnee en telefoon; steden met veel toeristen zijn ook steden met veel zakkenrollers. Daarin verder: waterfles (leeg door de security, vullen bij een tappunt), de regenjas, zonnebril en de powerbank, want navigeren sloopt je batterij. Wat er die avond bij het uitgaansoutfit-vraagstuk overblijft, los je op met één net overhemd of jurkje dat plat bovenop in de koffer ligt. De volledige afvinkbare versie, ook voor langere stedentrips, maak je met de paklijst-tool onder reistype stedentrip.
Vier dagen of langer: het kantelpunt
Tot vier dagen is de kleine tas heilig. Daarboven verandert de rekensom: een vijfde en zesde outfit passen er niet meer in, dus kies je tussen een wasmoment (hotelwastafel plus reiswasmiddel volstaat voor ondergoed en shirts) of alsnog een trolley bijboeken. Het wasmoment wint bijna altijd: het kost twintig minuten en je blijft de hele reis met handbagage reizen, ook op de terugweg met souvenirs. Koop ter plekke hooguit iets dat je toch al wilde hebben; een stedentrip is geen bevoorradingsmissie.